Gewoon cijfergemiddelde
Tel alle cijfers op en deel door het aantal cijfers. Voor 7, 8, 6 en 9 is het gemiddelde 7,50.
Bereken je gewone of gewogen gemiddelde en zie welk cijfer nodig is voor je gewenste eindgemiddelde.
Kies een methode — het resultaat wordt direct bijgewerkt.
—
Klik op een voorbeeld om de cijfers te laden.
Vul cijfers van 1 tot 10 in en kies de juiste berekening.
Voeg zoveel cijfers voor toetsen, opdrachten of vakken toe als nodig.
Gebruik een gewoon gemiddelde, voeg wegingen toe of stel een doel in.
Zie het gemiddelde met twee decimalen, de formule, mediaan en verdeling.
Tel alle cijfers op en deel door het aantal cijfers. Voor 7, 8, 6 en 9 is het gemiddelde 7,50.
Een toets met weging 3 telt drie keer zo zwaar als een opdracht met weging 1. Ook decimale wegingen werken.
Vul bestaande cijfers, je doel en het aantal komende cijfers in. De calculator toont het benodigde gemiddelde en meldt doelen boven 10.
De uitkomst is een rekenkundige indicatie. School, opleiding en PTA bepalen de officiële weging, afronding en slaagregels.
Nederland gebruikt doorgaans cijfers van 1 tot 10. Voor de meeste examenvakken is het eindcijfer het gemiddelde van het schoolexamen en centraal examen; de school legt in het PTA vast welke toetsen meetellen en hoe het schoolexamencijfer wordt berekend. Examenblad: schoolexamen, centraal examen en PTA.
Antwoorden over cijfers, wegingen en doelgemiddelden.